JAR 1997/204 Instantie: Kantongerecht Utrecht Datum uitspraak: 20 augustus 1997 Rolnummer: 108048/ ZE VERZ 97-1242 Rechters: Mr. Delfos Visser Kopje: Ontbinding wegens een dringende reden, Diefstal, Camerabewaking, Geen strijd met privacy Regeling: [BW art. 7:685] Partijen: De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Boering BV te De Meern, verzoekster, gemachtigde: Mr J.J. Willemsen, advocaat te Rotterdam, tegen Hendrik Adriaan de Haas te Maurik, verweerder, gemachtigde: Mr C.M.J. Ruyters, Rechtskundige Dienst FNV. Essentie: Werkgeefster is in de afgelopen jaren geconfronteerd met grote voorraadverschillen bij de door haar ingekochte en verkochte kazen. Door middel van een memo van maart 1996 is het personeel erop gewezen dat diefstal niet door de beugel kon. Omdat verandering uitbleef, heeft werkgeefster vervolgens videocamera's in het magazijn ge‹nstalleerd. Op ‚‚n van de hiermee gemaakte opnamen is te zien dat werknemer kazen uit een stelling neemt en in een doos doet. Werkgeefster heeft werknemer vervolgens op staande voet ontslagen en verzoekt thans voorwaardelijk om ontbinding. De Kantonrechter neemt als vaststaand aan dat werknemer de kazen uit het magazijn heeft genomen en dat deze niet meer zijn teruggevonden. Het verweer van werknemer dat hij de kazen bij nader inzien in het magazijn heeft achtergelaten, acht de rechter niet waarschijnlijk. Voorts verwerpt de rechter het verweer dat het niet geoorloofd is de medewerkers door camera's te bespieden omdat dit een inbreuk op de privacy vormt. Het magazijn behoort niet tot het gebied dat tot de persoonlijke levenssfeer van werknemer kan worden gerekend. Werkgeefster is gerechtigd haar eigendommen te bewaken, en zij is niet verplicht mensen die met kwade bedoelingen in het magazijn komen te waarschuwen dat er camera's staan. Ontbinding wegens een dringende reden is aldus gerechtvaardigd. Uitspraak Verloop van de procedure [...] Motivering De Haas is op 6 juni 1994 in dienst getreden van Boering. Hij is geboren op 5 april 1953. Zijn salaris bedraagt fl3.447,03 per vier weken. Boering houdt zich bezig met de inkoop en verkoop van vooral buitenlandse kazen. De Haas werkte op de orderafdeling in het kantoor als z.g. teleseller. In de afgelopen jaren is Boering geconfronteerd met grote voorraadverschillen. Er waren aanwijzingen dat medewerkers zich schuldig maakten aan diefstal of verduistering van de kazen die in voorraad werden gehouden. Door middel van een memo van 19 maart 1996 is het personeel er op gewezen dat diefstal en verduistering niet door de beugel kon. Toen er geen verandering in de situatie kwam heeft Boering de hulp ingeroepen van een extern bureau, Hoffmann Bedrijfsrecherche B.V. In het magazijn zijn videocamera's ge‹nstalleerd. De beelden wezen uit dat een groot aantal medewerkers kazen wegnamen. Op een van de banden komt De Haas in beeld terwijl hij kazen uit een stelling neemt en in een doos doet. De Haas is ondervraagd en heeft volgens Boering geen bevredigende verklaring kunnen geven. Zij heeft De Haas op 8 april 1997 geschorst teneinde een nader onderzoek in te stellen en zij heeft hem op 10 april ontslagen. De Haas heeft de nietigheid van het ontslag ingeroepen en hij heeft een loonvordering aanhangig gemaakt. Boering verzoekt in verband hiermee de arbeidsovereenkomst met De Haas, voorzoveel nodig, te ontbinden, primair op grond van een dringende reden en subsidiair op grond van gewijzigde omstandigheden. De Haas heeft verweer gevoerd. Hij heeft betwist dat hij zich aan diefstal of verduistering schuldig heeft gemaakt. De kantonrechter overweegt het volgende. Als vaststaand kan worden aangenomen dat De Haas kazen uit de AK-stelling van het magazijn heeft genomen en dat die kazen niet meer teruggevonden zijn door Boering. Aangezien De Haas de kazen niet mee heeft genomen naar de afdeling waar hij werkte, lijkt het niet waarschijnlijk dat hij de kazen heeft opgehaald om aan zijn collega's te laten zien. Zijn verhaal dat hij bij nader inzien heeft besloten om de kazen niet te laten zien aan zijn collega's en dat hij de kazen in het magazijn heeft achtergelaten, klinkt niet waarschijnlijk. Boering heeft aannemelijk gemaakt dat de kazen die door De Haas zijn weggenomen niet behoorden tot de kazen die de volgende week in de aanbieding zouden komen. Het is dus ook niet waarschijnlijk dat De Haas de kazen die hij heeft weggenomen wilde bekijken omdat zij op de voorverkoop-lijst stonden. Het verweer dat het niet geoorloofd is de medewerkers door camera's te laten bespieden omdat dit een inbreuk op hun privacy vormt, wordt ook verworpen. Het magazijn behoort niet tot het gebied dat tot de persoonlijke levensfeer van De Haas kan worden gerekend. Hij had daar niets te zoeken. Boering is gerechtigd haar eigendommen te bewaken, ook door het plaatsen van camera's en zij is niet verplicht mensen die met kwade bedoelingen in het magazijn komen te waarschuwen dat er camera's staan. De kantonrechter komt tot de conclusie dat er een dringende reden is om de arbeidsovereenkomst -voorzoveel nodig- te ontbinden omdat De Haas kazen heeft weggenomen uit het magazijn van Boering. Nu de procedure in hoofdzaak is gevoerd om het belang van Boering te dienen en om het risico dat zij toch loon zal moeten betalen in tijd te beperken, zal de kantonrechter de proceskosten tussen partijen compenseren in voege als na te melden. Beslissing De kantonrechter ontbindt -voorzoveel nodig- de arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van heden. Partijen zullen de eigen proceskosten moeten dragen.